naar voorpagina
naar vorige pagina
naar volgende gedicht op deze pagina
nader

Een avond en een halve nacht
praten we over lust en liefde,
verlangen, wanhoop, pijn.
De flessen raken leeg.
Tweepersoons komen we nader.

Ik kus je kalend grijze hoofd,
geef met mijn lichaam troost.
Uit je kinderogen rollen tranen,
als ik je lief jochie noem.





naar vorige gedicht op deze pagina
naar volgende gedicht op deze pagina
stil

stil ligt hij naast me
zijn jongenshoofd dicht
tegen me aangeschoven
mijn vingers glijden zacht
over de gladgespierde huid

ik kus ogen, neus en mond
word op zijn adem meegevoerd
en door zijn jeugd ontroerd

ik voel zijn warmte stromen
zijn hartslag in mijn borst
zijn foto komt tot leven
even geloof ik in geluk


stil




naar vorige gedicht op deze pagina
naar volgende pagina
de vrijgezel

hij schrokt zijn eten op de bank
slikt brokken weg met te veel drank
hij kijkt naar jongens achter glas
en denkt aan hoe het vroeger was

toen liefde kon, had hij bezwaren
tegen vlekken, sproeten, haren
een stem, een geur, een zenuwtrek
hij vond bij ieder een gebrek

zijn vel werd door de tijd bekrast
er kwamen scheuren in zijn bast
hij ziet de jongens op de straat
en weet: het is voorgoed te laat


is