naar voorpagina
naar vorige pagina
vreemde liefde

Ik hoor je in wind en zee,
het zingen van de bomen.

Ik zoek je zachte lichaam,
heter nog dan vuur en zon.

Ik zie je in mijn dromen,
we zijn saam op het gazon.

Betraand fluister ik je naam:
Culex pipiens, oh, nee, nee.

Je hebt me hard gebeten.
Ik zal je nooit vergeten.


(Culex pipiens = steekmug)


j26



playback

toen hij vurig playbackte
zijn nek haast verrekte
zijn benen wijdstrekte,
riep de zaal ai en oei
het leek wel een gekte
de sfeer van een sekte
een knaap in de bloei

maar toen

de als jong talent ontdekte
zijn kruis niet goed bedekte
zich onkuis bevlekte
riep de zaal bah, foei
het leek wel een gekte
de sfeer van een sekte
een knaap in de knoei




simpel geluk

hij is vol jeugd en kracht
een trouw gevoelig vriend
uitdagend, speels en wijs
brutaal soms en toch lief

overdag stoeien en spelen we
beleven een simpel geluk
hij loopt weg, keert terug
met onschuld in zijn ogen

‘s nachts is zijn lichaam
een warm, beschermend schild
ik streel zijn zachte vacht
waarin mijn tranen drogen

‘s ochtends wekt hij me
duwt zacht tegen mij aan
vraagt voedsel, water,
beweging, frisse lucht




gelemmerik

Een technostudentje in Delluf
trok krachtig de wortel uit elluf.
Het wou maar niet lukken
met sjorren en rukken.
Toen sloeg hij de hand aan zichzelluf


Een Rottweilerteef in het Haagse
stond open voor het allerlaagse.
Ze stonk uit haar mond,
lag lui op de grond,
en toch: steeds weer slaag ze.


Er was een jongen in Hattem,
die dacht dag en nacht aan dattem.
't Was zwaar voor die rakker,
het vlees werd steeds zwakker.
Elke vrouw, elke vent had 'm.

naar volgende pagina